Toernooiavond · tussen twee cycli
Wat deze training is
Eerst spellen die ze kennen. Daarna een lang toernooitje.
Er is vandaag geen thema, geen partijregel en er zijn geen coachwoorden.
Blok 1 is afgesloten. Cyclus 3 begint pas volgende week. Er hoeft deze dinsdag dus niets verder. Na zes weken met elke dinsdag een onderwerp is dat genoeg reden voor een avond die alleen leuk is.
Ze komen ook uit een week vakantie. De eerste tien minuten zijn waarschijnlijk rommelig.
Twee dingen die vandaag anders zijn
De klok is op 25 oktober teruggezet. Dit is de eerste training in kunstlicht. Dat blijft zo tot ongeveer half februari: veertien van de 36 trainingen.
Wat dat betekent voor de vormen:
- alles over de grond, want hoge ballen zijn slecht te volgen
- pylonen in plaats van lage hoedjes
- alles binnen de lichtkegel
Zie 03-trainingsopzet.md.
Veld
Tijdlijn
| Minuut | Wat |
|---|---|
| 0–10 | Vrij inspelen |
| 10–20 | Balrovertje |
| 20–32 | Poortjesjacht, twee teams |
| 32–56 | Toernooitje, drie teams |
| 56–60 | Afsluiten |
0–10 · Vrij inspelen
Neerzetten: ballen op de rand van het veld.
Zo werkt het:
- Ze beginnen zelf.
- Er is geen opdracht.
Na een week vakantie willen ze vooral tegen een bal trappen. Dat is meteen de warming-up.
10–20 · Balrovertje
Neerzetten: een vak van 20 × 20 meter. Iedereen een eigen bal.
Zo werkt het:
- Je beschermt je eigen bal.
- Tegelijk probeer je de bal van een ander het vak uit te trappen.
- Bal kwijt? Ophalen en doorgaan.
Dit was drie weken het openingsspel van cyclus 2. Er valt dus niets uit te leggen.
Levert op: tien minuten waarin iedereen de hele tijd de bal raakt, zonder organisatie.
Makkelijker: een groter vak. Moeilijker: 15 × 15.
20–32 · Poortjesjacht, twee teams
Neerzetten: de twaalf poortjes van week 4 en 5, kriskras door vak A. Twee teams, iedereen een bal.
Zo werkt het:
- Een ronde duurt twee minuten.
- Je dribbelt door zoveel mogelijk poortjes. Niet twee keer achter elkaar door hetzelfde poortje.
- Je team telt samen: hoeveel poortjes haalt jouw team?
- Per ronde gaan er twee jagers zonder bal het veld in, één uit elk team.
- Drie rondes.
Levert op: dezelfde vorm als in week 4 en 5, maar met één teamtotaal in plaats van elf losse scores. Wie er weinig haalt, valt niet op.
Makkelijker: bredere poortjes, of geen jagers. Moeilijker: vier jagers.
32–56 · Toernooitje, drie teams
Neerzetten: vak B met vier kleine doeltjes. Drie teams van drie of vier spelers.
Zo werkt het:
- Team A heeft hesjes aan, team B niet.
- Team C wacht, hooguit drie minuten. Dan draait het door.
- Een wedstrijdje duurt vier minuten: 4 tegen 4 op de kleine doeltjes.
- De winnaar blijft staan.
Levert op: bijna een half uur spelen zonder bijregel. Wat er van blok 1 is blijven hangen, is hier te zien zonder dat er iets voor hoeft te gebeuren.
Makkelijker: langere wedstrijdjes, minder wisselen. Moeilijker: vier teams van drie.
56–60 · Afsluiten
Volgende week begint cyclus 3. Die gaat over passen en je laten zien.
Bij een andere opkomst
| Opkomst | Aanpassing |
|---|---|
| 6–8 spelers | Toernooi met twee teams en een wisselspeler. Die wisselt om de twee minuten. |
| 12 of meer | Vier teams van drie. Wedstrijdjes van drie minuten. |
Uitzetten vóór de training
- Vak A: twaalf poortjes, binnen de lichtkegel, met pylonen in plaats van lage hoedjes
- Vak B: vier kleine doeltjes voor het toernooi
- Hesjes. In het donker zijn die het enige onderscheid dat op afstand werkt.