Cyclus 3 — Passen en je laten zien · week 1 van 3 · spelhervatting: de zijbal
Nieuwe spelhervatting: de zijbal
De keeperbal heeft drie vrijdagen gehad en is nu een gewoonte: elke aanval start bij de keeper, nooit dwars voor eigen doel. Die blijft gelden en wordt niet meer geoefend.
Bij 8-tegen-8 bestaat de inworp niet
Een bal over de zijlijn wordt ingedribbeld, en de tegenstander houdt vijf meter afstand. Passen of schieten vanaf de zijlijn mag niet.
Dat maakt de zijbal de enige situatie in de wedstrijd waarin het team de bal aan de voet krijgt met niemand binnen vijf meter — een betere uitgangspositie dan in open spel. De gebruikelijke oplossing in deze klasse, zo hard mogelijk het veld in, geeft die ruimte meteen weg.
Drie vrijdagen dezelfde: vandaag zonder tegenstander, 13 november met verdedigers op vijf meter, 20 november in een wedstrijdvorm.
Vooraf uitzoeken: hanteert de club deze regel ook in de competitie? Bij toernooien en oefenwedstrijden wijkt het soms af.
De woorden zijn die van de dinsdag: hard over de grond · stap uit zijn schaduw · roep een naam.
Tijdlijn
| Tijd | Deel |
|---|---|
| 0–10 | Inspelen — vrij partijtje |
| 10–22 | Wat kun je met vijf meter ruimte? |
| 22–36 | Het dinsdagthema in een partij |
| 36–56 | Doorspelen met echte regels |
| 56–60 | Morgen |
0–10 · Inspelen
Vrij partijtje met bal.
10–22 · Wat kun je met vijf meter ruimte?
Zonder tegenstanders. Elke speler neemt om beurten een zijbal. De bal gaat er altijd dribbelend in — intrappen mag niet — dus de keuze zit in wat er daarna gebeurt:
- Indribbelen en doorgaan — het veld in, en zelf verder
- Indribbelen en kort afspelen — naar iemand die zich vlakbij laat zien
- Indribbelen en diep spelen — alleen als er echt iemand vrij weg loopt
5 m vrij
|<------->|
[O]•~~~~~~~~~~> <- indribbelen
^ X
zijlijn
Van beide zijlijnen, elke twee minuten wisselen.
Levert op: voelen hoeveel ruimte vijf meter is. In de wedstrijd staat er altijd iemand op ze, dus ze handelen alsof dat ook hier zo is — terwijl de eerste aanraking altijd een dribbel moet zijn en er dus tijd is.
Makkelijker: alleen indribbelen en zelf doorgaan; het afspelen komt volgende week. Zwaarder: binnen vijf seconden een pass geven aan iemand die zich heeft laten zien.
22–36 · Het dinsdagthema in een partij
5-tegen-5 met de dinsdagregel: doelpunt na drie passes op rij = 3 punten, gewoon doelpunt = 1.
36–56 · Doorspelen
Lange partij, echte regels, en elke bal over de zijlijn echt hervat met vijf meter afstand — geen snelle trap terwijl er iemand bovenop staat.
Hoe vaak de hervattende ploeg de bal ook houdt, is een getal dat volgende week te vergelijken valt.
56–60 · Morgen
Wie staat waar, verzameltijd.
Bij een andere opkomst
| 6–8 spelers | Eén zijlijn, twee groepjes; partij 3v3 of 4v4 |
Uitzetten vóór de training
- Pylonen op vijf meter van de zijlijn, aan beide kanten
- Hesjes voor de partij